Laatst las ik over het voornemen om ook dieren stemrecht te geven. Velen van u, beste lezers, vinden dat misschien een mal plan, al beseft u vast ook dat het geboren is uit bezorgdheid over de natuur en onze desastreuze omgang met de aarde. 

Ik was eerlijk gezegd niet eens zo verbaasd over het idee, vergeef me mijn lichte gesnoef, want ooit hoorde ik het nog een stuk radicaler. Een veel te jong overleden collega uit de designwereld opperde een jaar of tien geleden om een parlement voor de dingen op te richten. Het was een beetje een academische exercitie hoor. Maar toch, laten we de vraag eens overdenken of spullen, en niet zozeer mensen en hun ideeën, de wereld kunnen veranderen. 

Om te beginnen zijn in ieder geval sommige producten van wezenlijke invloed op het gedrag van mensen. Simpel voorbeeld: aan een ronde tafel toont zich niet zo gemakkelijk wie de eerste in rang is, terwijl een rechthoekige tafel het hoofd onbewust reserveert voor de chef of zo u wilt het hoofd van het gezin. Ik overdacht dit alles voor de tentoonstelling Mannen, Vrouwen en hun Apparaten in ons museum. Allerlei nieuwe technologie in huis bleek in de jaren zeventig van de vorige eeuw het dagelijkse leven voor velen flink te veranderen. Tegelijkertijd werden de bestaande rolpatronen eerder bestendigd dan doorkruist. 

Een controlepaneel als uit een atoomcentrale

Vrouwen kregen hip vormgegeven handmixers, elektrische messen en fonduestellen; wel met de verwachting dat zij hiermee het huishouden bleven doen. Mannen ontfermden zich over stereotorens en videorecorders met technische bedieningspanelen, die soms nog het meeste leken op een controlepaneel uit een atoomcentrale. Alles ter vermaak en in hun vrije tijd. 

En toen kwam de walkman, dat apparaatje dat volgens velen de wat ongemakkelijke periode van ultieme individualisering inluidde. Niet langer meer samen naar muziek luisteren, of zelfs samen zingen bij gebrek aan eigen radio of platenspeler, zoals de generatie van mijn ouders deed. 

Nee, muziek werd de soundtrack van je eigen leven, op straat, in de trein, en van niemand anders, met een levensgrote hoofdtelefoon als bewijs. En dit keer voor zowel jongens als voor meisjes.


Dit artikel is onderdeel van &PAPER en valt buiten de verantwoordelijkheid van de ZOUT hoofdredactie.