Dit is de vierde en laatste aflevering in de reeks die kunstenaar Geert Mullens (aka Quinten Top) schreef voor Zout over de TURNERoundITALIA-trip die hij afgelopen maanden maakte. Voordat ik verder reis naar Rome, breng ik eerst nog een bezoek aan Narni voor de Turner Tour daar. Ik begin mijn ontdekkingstocht bij de Ponte di Augusto waarover vroeger Via Flaminia liep – een plek die door tal van kunstenaars werd vereeuwigd, onder wie Corot. Tijdens mijn wandeling stuit ik op...
enkele panelen met schetsen van Turner, verspreid in het landschap. Nieuwsgierig naar het volledige parcours klop ik aan bij de toeristische dienst van Narni. Een ambtenaar deelt me droogjes mee dat de tour niet langer wordt aangeboden. Dan maar zelf op verkenning. Tot mijn verrassing ontdek ik het Museo Diffuso dei Plenaristi – vrij vertaald: het verspreide museum van de plein air kunstenaars. Alleen al om die vondst ben ik blij dat ik hier halt hield. De stad is te hectisch, niet de ideale biotoop voor mij om en plein air te werken Dan is het tijd om koers te zetten naar Rome. Ik mijd de grote weg en maak een prachtige rit langs heuvels en vergezichten, al wordt na ruim 80 kilometer de vermoeidheid voelbaar. Eenmaal in Rome fiets ik langs de obligate bezienswaardigheden, het Colosseum, de Trevifontein, de Sint-Pietersbasiliek, Piazza Navona, maar voel me opgeslokt door de drukte. Dan stuit ik op de Galleria Nazionale d’Arte Moderna e Contemporanea. Binnen heerst een weldadige rust, een wereld van stilte tegenover de verzengende hitte en drukte buiten. Een deel van het museum is gesloten voor de opbouw van een nieuwe tentoonstelling, maar toch kan ik genieten van werk van onder andere Balla, Modigliani, Morandi, Courbet – en zelfs een prachtige Emile Claus. De volgende dag trek ik naar het MAXXI, het Museo Nazionale delle Arti del XXI Secolo, een gedurfd ontwerp van Zaha Hadid. De moderne vormgeving vormt een verrassend contrast met de klassieke grandeur van Rome. Binnen word ik getrakteerd op een boeiende selectie hedendaagse kunst. Tot mijn grote vreugde hangen er ook twee kleine werken van Francis Alÿs – een van mijn favoriete hedendaagse kunstenaars. Zijn poëtische beeldtaal raakt me telkens weer. In Rome maak ik in hoofdzaak foto’s – buiten enkele kleine potloodschetsen in het park van Villa Borghese kom ik niet tot ander werk. De stad is te hectisch, niet de ideale biotoop voor mij om en plein air te werken. Mijn eerste halte is in de buurt van Perugia. De steden vormen handige ankerpunten op mijn route, maar ik geef de voorkeur aan landelijke verblijven – plekken waar ik kan fietsen, schilderen en de stilte opzoeken. Ik maak hier zes olieverfschetsen, naast aquarellen en houtskooltekeningen. Vanwege de hoge temperaturen ga ik ’s morgens vroeg op pad; ik merk dat mijn werk de warmte weerspiegeld, de kleuren worden zuidelijker… Het landschap hier is fundamenteel anders dan in de bergen in Noord-Italië. Daar voel ik de dramatiek van het ongerepte, hier is de natuur getemd in cultuurlandschap: akkers, wijngaarden, olijfboomgaarden, alles doordrenkt van menselijke aanwezigheid. Het vraagt een andere manier van kijken en van werken: de Turner van de sublieme natuuremotie lijkt hier soms ver weg. Schets van Quinten Torp Maar dan, in stadjes als Arezzo en Castiglion Fiorentino, is hij weer plots heel dichtbij. Daar maak ik, in zijn geest, enkele snelle schetsen – krabbels en notities, maar dan op mijn manier. Hoe dan ook blijft Turner verdoken aanwezig. Zo ontdekte ik dat er in Arezzo een pop/techno groep bestaat (of bestond) met de naam I Cieli Di Turner… grappig toch! Na Arezzo doorkruis ik Toscane in de vroege ochtenduren. Ik rijd door het betoverende landschap van de Crete Senesi op weg naar Gambassi Terme, in de buurt van Firenze. Daar verblijf ik drie nachten bij een muzikant, midden in het golvende landschap van wijn- en olijfgaarden. Een prachtige, inspirerende plek waar de avonden gevuld zijn met fijne gesprekken tijdens het eten. Overdag trek ik me regelmatig terug in de olijfgaard om te werken aan mijn reeks houtskoolschetsen The Italian Struggler. In de schaduw van een oude olijfboom maak ik ook enkele olieverfschetsen. Het is er zó heet dat ik tijdens een schilderuurtje moeiteloos twee liter water wegdrink. >> Schilderen en plein air Firenze is een hartelijk weerzien, na meer dan dertig jaar. Hier begon ooit mijn liefde voor Italië. Ik probeer de toeristenmassa’s te ontlopen en bezoek de tentoonstelling Sex and Solitude van Tracey Emin in het Palazzo Strozzi. Opnieuw weet Emin, bekend van haar omstreden nominatie voor de Turner Prize in 1999, me te raken. Haar expressieve werk op groot formaat vind ik prachtig. Zoals gezegd is de stad niet mijn natuurlijke habitat om te schilderen. Ik beperk met tot enkele potloodschetsen en foto’s en steek opnieuw de Apennijnen over. In de buurt van Parma heb ik afgesproken met mijn jongste dochter Liza, die onderweg is naar Puglia. Vlak bij onze B&B bezoeken we de Fondazione Magnani-Rocca, waar de indrukwekkende privécollectie van Luigi Magnani te zien is, met werken van o.a. Van Dyck, Goya, Cézanne, Renoir, De Chirico en Morandi. Magnani was persoonlijk bevriend met Morandi, wat resulteert in een rijke en chronologisch gepresenteerde verzameling van diens werk. Echt de moeite waard! Sex and Solitude van Tracey Emin bij het Palazzo Strozzi in Florence Zo keer ik langzaam maar zeker terug naar mijn vertrekpunt in Piemonte. Mijn laatste halte is Turijn. Toen ik in mei vertrok, had ik de stad nog niet aangedaan. In Turners voetsporen maak ik er een reeks schetsen van de basiliek van Superga. Ook ontmoet ik er mijn oudste dochter, Franne, en haar vriend. Zij zijn op weg naar Imperia. Toch fijn dat ik mijn twee dochters kan ontmoeten tijdens mijn trip. Lucky bastard! Met enkele fietstochten in de bergen om daar te schilderen loopt mijn TURNERoundITALIA-reis stilaan op zijn einde. Er zal nog enige tijd nodig zijn om alles te laten bezinken. Het was een prachtige manier van reizen: langzaam, met aandacht. Turner deed er zes maanden over, ik twee – maar de tijden en omstandigheden zijn niet te vergelijken. Toch voel ik me verbonden. Tijd om koers te zetten naar Genk. Via de Passo del Moncenisio zal ik Italië verlaten. Maar niet voor lang! Klaar voor de terugreis titelafbeelding: Bij een door Zhang Enli beschilderde kapel bij de San Rocco in Montabone
Dit artikel is alleen toegankelijk voor Zout-abonnees.
Log in als u al abonnee bent of
klik hier als u het wil worden.
Zout bestaat dankzij lezers zoals u. In 2025 zoeken wij 1200 abonnees. Sluit u nu aan!