Zomer 2026. Ik lees de werkelijkheid momenteel als een roman. Mijn boeken heb ik dichtgeslagen, ik kijk met wijd open ogen naar de spannendere, gekkere fictie: de gebeurtenissen om me heen. In scènes. Mijn neefje is geslaagd voor zijn eindexamen! Mama, papa, tante (ik) en hij gaan naar Parijs om het te vieren. Met zijn mobieltje in zijn oor zit hij naast me te rappen. Ik heb een vraag, wil nog even geduld hebben en trek dat witte plastic ding...
uit zijn oor: ‘Laat het me weten als je weer in de werkelijkheid bent.’ ‘Ik ben in de werkelijkheid!’ ‘Ja? Waar is die dan?’ Hij tikt op zijn mobieltje. ‘Hierin! Hier zijn mijn vrienden, mijn leven!’ ‘En… wat zijn wij dan?’, vraag ik. ‘Jullie zijn… de verkeerde wereld!’ Hij maakt een coole beweging, ik een kwantumsprong in de geschiedenis van de mensheid. Nog een keer naar de Seine in Parijs bij 38 graden, voordat mijn jaarlijkse vriendenbezoek-tournee begint. Oh, buitenaardse wezens? Nee. Toeristen met virtual-reality-brillen. Eindelijk in de koelte van Normandië! Maar de volgende dag bestookt een hevige wind ons met zandkorrels, en beuken enorme golven op ons in. Aan zee en niet zwemmen?! In de verlaten Atlantische Oceaan raak ik verstrikt in een reusachtig zeewiernet en geef het op. ’s Avonds worden Les Bleus uitgeschakeld bij het WK Voetbal. Het stinkt alsof iemand op de wereld heeft gescheten Elke dag worden we gezandstraald, worden er nieuwe hopen zwarte algen op het strand gespoeld waar ze vervolgens gaan rotten. Het stinkt tot ver in de omtrek. Alsof iemand op de wereld heeft gescheten. Bordeaux, 40 graden. Ik kom met mijn vriendin uit de bioscoop. De stenen oude binnenstad, werelderfgoed, is een pizzaoven. De zon, gehuld in een grijsgele sluier, zegt: hier klopt iets niet. Mérignac. Al dagen schuilen we in huis voor de hitte en de muggen. Drie volwassen golden retrievers hijgen mee. Ik wil alleen maar een ijsje halen, open de voordeur: de wereld is een rokerij. Zijn wij de ham? De kustbossen van de Gironde staan in brand. Elke dag draait de wind. De branden komen alsmaar dichterbij. Steeds weer nieuwe evacuatieplannen. Vondst op internet: een realtime kaart met alle branden van Europa. Mijn vrienden willen blijven, hoewel ze 60 km verderop een huis hebben. Ik vertrek voordat wegen worden afgesloten. Honderden kilometers landschap in een grijze sluier trekken aan het treinraam voorbij. Dan, een blauwe lucht. Ah ja, zo was het ooit! Düsseldorf. De onwerkelijk verkleurde lucht van de branden in België en Nederland groet me door het slaapkamerraam. De verdampende Rijn legt verroeste munitie bloot. Op de luchthaven van Leipzig brengt een drone verse explosieven naar een Oekraïens vliegtuig vol wapens en explodeert niet. De Duitse minister van Binnenlandse Zaken spreekt van ‘vreemde machten’. Ik denk aan de woorden van mijn neef. Ik lees ook weer wat er geschreven staat, van de schrijver Paul Lynch: ‘Only fiction can accommodate the total strangeness that is life.’ Toeristen met virtual reality-brillen in Parijs, juli 2026. foto Céline Bernadet
Dit artikel is alleen toegankelijk voor Zout-abonnees.
Log in als u al abonnee bent.
Klik hier als u abonnee wil worden - voor 6,60 euro per maand ontvangt u het kunst- en cultuurmagazine voor het Zuiden. Sluit u nu aan!