Voor Karajan en anderen Drie mannen met stijve hoeden voor Kiev Centraal – trombone, trekharmonica, saxofoon – in de nevelige oktobernacht die tussen twee treinen talmt, tussen catastrofe en catastrofe: voor vermoeiden, die vol aandacht in hun warme pasteitjes bijten en wachten, wachten, spelen zij aangrijpende melodieën, versleten als hun jassen en spekkig als hun hoeden; en had U daar gestaan, rillend van de kou, tussen drinkebroers, veteranen, zakkenrollers, dan had U mij gelijk gegeven: Salzburg, Bayreuth en de Scala...