SAMENVATTEND De mensheid is een dronkenman in het stadion van het universum. Bezit geen eigen plaatsbewijs, volgt niet eens het spel, negeert zowel de spelers als de bal de schoonheid van de bal. De mens kijkt zichzelf na ieder doelpunt aan, begint zich vol vuur op de schouders te slaan, spuugt en boert een haperend, onvolledig alfabet. De mens vloekt. De mens pist. De mens bralt. De mens scandeert zijn eigen onbenul. De mensheid is een hondenlul. ESTER NAOMI PERQUIN...