Ik roep je aan, nu ik het kleine slechter verdraag en de ene gebeurtenis de andere vooruitschopt als tuimelkruid, niet ongevaarlijk zoals toen ik van de weg raakte en in een greppel vlak bij het krappe water van de Aa mijn behoefte deed met achter me een stier die zijn koningsweide wilde slachten, niet ongevaarlijk zoals toen ze mijn borst afsneden om dichter bij mijn hart te komen en ik alleen het geloei van koeien hoorde. SASJA JANSSEN Uit: Sasja...