101 was ze, haar oudtante Jacoba Manders, toen ze in februari vorig jaar stierf. ‘Dat is meer dan een normaal mensenleven, maar voor mij nog altijd te kort’, zegt Pippilotta Yerna. ‘Als het mogelijk was, had ik haar voor altijd bij me gehouden.’ Het opvallende, even indringende als absurdistische drieluik Please, Pierce Your Bones Into Mine van Pippilotta Yerna (Maastricht, 1994) is behalve een hedendaagse piëta ook een eerbetoon aan een ‘krachtige, zelfstandige vrouw’, een heiligverklaring bijna. Het is te...
zien op de groepsexpositie Verlies, over het verlies van een naaste, bij Pennings Foundation in Eindhoven. Op de foto in het middenpaneel draagt de kunstenaar haar oudtante op schoot, een half uur nadat ze is overleden. ‘Los van het leeftijdsverschil van 71 jaar was zij mijn beste vriendin’, zegt Yerna. In de zijpanelen, die open- en dichtklappen, plaatste ze twee buisjes met haar as. Soms kon ze bijna voelen hoe haar broze botten in de hare drukten In een land waar ouder worden vaak voelt als verdwijnen, was haar ‘tweede moeder’ Jacoba nooit onzichtbaar; ze werkte jarenlang mee aan de kunstprojecten van haar achternicht. De momenten dat Yerna met haar doorbracht kon ze soms bijna voelen hoe haar broze botten in de hare drukten. Ze hoopt met haar werk haar angst voor de dood te beteugelen. Eerder legde ze momenten vast waarop haar moeder zou kunnen overlijden: bij een auto-ongeluk, verdronken, bij een val uit een raam. Een ‘generale repetitie’ voor het drieluik met haar oudtante was She Is the Canary in the Coal Mine of a Dying Empire, een sterfscène met haar moeder, met één verschil: haar moeder leeft nog. ‘Bij beiden ging het om een laatste keer vasthouden, en ze te presenteren aan het publiek, uit liefde. Waarbij de liefde sterker is dan het ongemak. Bij mijn moeder probeer ik me voor te bereiden op het verlies; bij mijn oudtante probeer ik het verlies ongedaan te maken door haar vast te houden.’ Rick van der Klooster, The Rise Waar je bij Pippilotta Yerna de dood recht in de ogen kijkt, draait het bij Before the Silence van Wiosna van Bon (1992) om herinneringen die verstrijken in de tijd. De Bossche fotografe portretteerde mensen die in hun jeugd een of beide ouders verloren door suïcide, en achterbleven met vragen. Die vragen verdwijnen soms naar de achtergrond maar kunnen op onverwachte momenten opnieuw keihard voelbaar worden. Van Bon spreekt uit eigen ervaring. Sommige geportretteerden namen Van Bon mee naar de plek waar ze opgroeiden. Anderen wilden daar juist nooit meer terugkeren. ‘Vanuit gesprekken, portretten en bezoeken aan plekken die met hun herinneringen verbonden zijn, onderzoek ik hoe zij zich blijven verhouden tot een ouder die er niet meer is.’ Zo’n associatieve plek kan een deurklink zijn van het ouderlijk huis, maar ook een (veelzeggend) deel van een brug. De foto’s van de geportretteerden – inclusief een zwangere Wiosna – hangen in frames, waar je aan beide kanten doorheen kunt kijken. Pippilotta Yerna, Please, Pierce Your Bones Into Mine Na het overlijden van zijn moeder keerde de Rotterdamse fotograaf Rick van der Klooster (1995) terug naar de bergen waar zij vroeger met het gezin op vakantie gingen en samen wandelden, in de hoop zo iets van de geest van zijn moeder tegen te komen. Het landschap is bij hem de drager van herinnering en rouw. De Bredase Martin (1957) en Inge Riebeek (1964) tonen videoportretten uit tien verschillende landen waarin het verlies van een familielid of geliefde centraal staat. Enkele geportretteerden zijn nabestaanden van de aanslag op het eiland Utøya en de Mexicaanse Teresa Moreno Alvarado: ‘Vijf jaar geleden overleed mijn man. Ik was verdrietig, maar ik voelde me ook opgelucht.’ Rouw kent vele gezichten. Wiosna van Bon, uit de serie Before the Silence Verlies/Loss. T/m 21.11 bij Pennings Foundation Eindhoven. penningsfoundation.com
Dit artikel is alleen toegankelijk voor Zout-abonnees.
Log in als u al abonnee bent.
Klik hier als u abonnee wil worden - voor 6,60 euro per maand ontvangt u het kunst- en cultuurmagazine voor het Zuiden. Sluit u nu aan!