Perron Poëzie: Rutger Kopland
Ik heb het je toen voorgelezen G. De ramen stonden open, op het terras dronken de vrinden limonade, de appelboom bloeide. Ik heb je voorgelezen w…
Ik heb het je toen voorgelezen G. De ramen stonden open, op het terras dronken de vrinden limonade, de appelboom bloeide. Ik heb je voorgelezen w…
Mannen I Mijn liniaal leert mij: langer dan normaal, maar nog steeds geen lef om postzegels te plakken. Als mijn ouders slapen klik ik mannen a…
De een vraagt: wanneer is leven geen leven meer? De ander wijst hem aan: dit kan ontbreken (rechtvaardigheid) en dit (schoonheid) en dit (vrede)… …
MOEDER Zoals ze in je praat en dingen vindt, dwars door je eigen woorden klinkt, vaak ongevraagd, doe je haar nou wat opzij, je hebt toch ogen, wa…
Elders het gebeurt zo: een algoritme laat de avond vallen over huizen ongedeerd iemand zweeft als de maan boven een ziekenhuis ergens in een ver…
Fabel De dichter zei neem je pen, ga met de eerste beweging en een heldere regel naar de rand van de pagina, en schrijf. Waar de grote fabel…
Stoel Ik stond naast een tafel en het verontrustte mij dat ik zo alleen was en opeens hoorde ik het kloppen erg zachtjes weliswaar maar iets maakt…
WIJ.HIER.NU. en ach, misschien zullen er ooit bergen rijzen valleien splijten tussen ons in, zullen wij met rookpluimen moeten seinen: weet je no…
HET DIER Het beest in de weide (van de vlammen gescheiden) Ziet hoe op poten de dag aanbreekt Hoe met gebaren de zon haar zevenstraat omslaat. …
Quarantaine 1 er is een raam waartegen ik praat met mijn vader terwijl ik kijk naar de bergen waarvan de contouren zich oplossen in de verte e…